In gesprek met… UN1EK bestuurders Eric Boerhout en Claudia Doesburg

Eric Boerhout

Claudia Doesburg

UN1EK was de eerste organisatie in Nederland die in 2014 ontstond uit een bestuurlijke fusie tussen onderwijs (Stichting Meervoud) en opvang (Stichting Kinderopvang Vlaardingen), om zo een écht integraal aanbod van onderwijs en opvang voor kinderen van 0 tot 13 jaar te kunnen aanbieden. Inmiddels heeft UN1EK negen actieve integrale kindcentra (IKC’s) en worden er volgend jaar nog eens twee geopend. Dankzij een vast geloof in hun visie en de niet aflatende inzet van alle medewerkers, zien bestuurders Eric Boerhout en Claudia Doesburg hun droom van een integraal aanbod van nul tot dertien jaar bewaarheid worden.

Van nature nieuwsgierig

Het begon allemaal met een droom: dat alle kinderen, ook van niet-werkende ouders, zich van nul tot dertien jaar onder begeleiding van professionals kunnen ontwikkelen. Eric Boerhout: “Kinderen van nul tot vier jaar zijn van nature nieuwsgierig. Ze leren in die fase al ontzettend veel. Dat gaat vanzelf, spelenderwijs. Het onderwijs speelt daar eigenlijk niet op in; scholen kijken pas als een kind vier is wat het al wel en niet kan, en aan welke lesstof het toe is. Natuurlijk wordt in de kinderopvang heel serieus gewerkt aan de ontwikkeling van kinderen. Maar niet alle kinderen gaan naar de opvang, en bovendien is er een harde knip tussen kinderopvang en basisschool. Wij wilden een doorlopende leerlijn voor alle kinderen.”

Dezelfde taal 

“We wilden dat er één organisatie kwam met een gedeelde visie en cultuur.”

Als eerste in Nederland kozen we voor een bestuurlijke fusie tussen de onderwijs- en opvangorganisaties. “Eén aanbod moet volgens ons worden aangestuurd vanuit één organisatie”, vertelt Claudia Doesburg. “Dat was voor ons een harde voorwaarde. Een van onze locaties was al voor de fusie een IKC, maar daarin zag je toch dat er twee organisaties actief waren, die niet altijd dezelfde belangen hadden. De kinderopvang is bijvoorbeeld meer marktgedreven: het aantal kinderen bepaalt de formatie. Het onderwijs is statischer, dat is een basisvoorziening. Volledige integratie van die twee voorzieningen kan alleen als je één lijn trekt. We wilden daarom dat er één organisatie kwam met een gedeelde visie en cultuur, waarin we allemaal dezelfde taal spreken.”

Pionieren

Met de bestuurlijke fusie liet UN1EK zien dat we gaan voor onze visie. Dat we het lef hadden om het gewoon te dóén. Dat betekende dat we van de ene dag op de andere gezamenlijk binnen één organisatie werkten. Dat is nu nog steeds hard werken, elke dag pionieren. In de eerste plaats moesten we de ondersteunende diensten integreren. Dat is een veranderproces dat nog steeds gaande is. Denk aan zoiets basaals als de inschrijving en plaatsing van kinderen: in de opvang gebeurt dat centraal, in het onderwijs decentraal. P&O heeft te maken met verschillende cao’s. Er zijn twee geldstromen, medezeggenschap is verschillend geregeld. Alle werkprocessen moeten worden geharmoniseerd. In het afgelopen jaar hebben we een nieuwe medezeggenschapsstructuur ingericht waarbij de inspraak van medewerkers en ouders van opvang en onderwijs op centraal niveau is geregeld via de Centrale UN1EK raad en lokaal in de IKC raden.

Omdat het nog nooit is gedaan, is de wet- en regelgeving niet altijd duidelijk voor onze situatie. Met goede juridische ondersteuning zoeken we daarom de grenzen van de wet op, om zo bestuurlijke ruimte te creëren.

Praktische integratie

Tegelijkertijd werken we op onze locaties aan de praktische integratie van opvang en onderwijs. Ook daar zitten we midden in een veranderproces.” Boerhout: “Goede aansturing is de eerste stap naar een IKC zoals we dat voor ogen hebben. Per IKC hebben we één directeur aangesteld. Al die directeuren zitten in een management development traject. Zij zijn uiteindelijk degenen die bepalen hoe en in welk tempo zij het verandertraject doorlopen. Daarbij krijgen ze de missie van UN1EK mee: UN1EK wil kinderen van nul tot dertien jaar hun talenten laten ontwikkelen en hen begeleiden in hun groei tot zelfbewuste en verantwoordelijke wereldburgers die, in balans met zichzelf en hun omgeving, in een steeds veranderende wereld willen blijven leren. Ieder IKC geeft op zijn eigen, UN1EKe manier invulling aan die missie. Daarbij moet de basis natuurlijk voortdurend op orde zijn, dus heeft ieder IKC een basisarrangement conform de eisen van de inspectie. Ze voldoen daarnaast aan de eisen uit de Wet Kinderopvang en ze beschikken over een HKZ-certificering. Aanvullend hebben we een eigen kwaliteitssysteem, met onder meer interne audits.

Tijd en energie

Bij de praktische uitwerking op de locaties vragen we veel van onze medewerkers. “Je moet je voorstellen dat onderwijs en opvang elkaar nog moeten vinden”, legt Boerhout uit. “De een is gewend overdag te vergaderen, de ander ’s avonds. De dagen op een IKC zijn langer dan op school, het programma dat de kinderen volgen, stopt niet aan het einde van de lesdag. Behalve die praktische zaken, verandert ook de vakinhoud: alle IKC’s zijn bezig met een programma van onderwijsvernieuwing. Dat vraagt om een investering in tijd en energie van onze mensen, zonder dat daar veel extra middelen tegenover staan. We zijn ons ervan bewust dat we die investering niet eindeloos van hen kunnen verwachten.”

Het nieuwe normaal

“Onze mensen hebben zich de visie van UN1EK eigengemaakt, en werken ook vanuit die overtuiging.”

Als organisatie werken we daarom toe naar een situatie van ‘het nieuwe normaal’; het moment waarop we gesetteld zijn in de realiteit van onze nieuwe organisatie. Doesburg schat in dat we daar bijna zijn: “Mede dankzij het management development traject zie ik dat directeuren steeds sterker in hun rol staan. De eerste zaadjes voor onderwijsvernieuwing zijn geplant. En op de werkvloer hoor ik dat mensen zich de visie van UN1EK hebben eigengemaakt, en ook vanuit die overtuiging werken. Heel belangrijk: we merken dat de kinderen zich goed voelen op de locaties. Ze ontwikkelen zich makkelijker, en zijn ontspannen en gelukkig. We zien kinderen die de groep binnen huppelen, zich veilig voelen. Ouders pikken dat ook op. Die kozen eerder vooral uit praktisch oogpunt voor een IKC, maar we horen steeds vaker dat het ze ook om de inhoud gaat, en om de visie erachter.”

Mijlpalen

“Met goede juridische ondersteuning zoeken we de grenzen van de wet op.”

Als mijlpalen in de integratie van onze organisatie noemen de bestuurders onder meer de realisatie van een fiscale eenheid, waarvoor we drie jaar hebben geknokt. “Daarnaast is ieder IKC natuurlijk een mijlpaal”, vindt Boerhout. En de stip op de horizon? Dat is voor UN1EK de erkenning van het IKC in de wet. “Er bestaat het gevaar dat we het slachtoffer worden van ons eigen succes”, waarschuwt Doesburg.” Dat de overheid straks zegt: ‘die wettelijke erkenning is niet nodig, want UN1EK heeft laten zien dat het ook zonder die erkenning mogelijk is.’ Terwijl wij op basis van een rotsvast geloof in onze visie, heel veel tijd, geld en energie aan deze droom hebben gespendeerd. Met in ons achterhoofd steeds het idee: wij effenen de weg voor anderen, zodat straks ieder kind vanaf de geboorte een ontwikkelrecht heeft.”

Vlaardingen, augustus 2017